All posts filed under: Natuur

Natuur laat je bestemmingen zien die in het groen liggen.

Een paar tropische planten, een blauw geschilderde gevel, en een uitzicht. Een van de vele charmante hoekjes in Alte in de Algarve (Portugal).

48 uur lente in de Algarve

Lente in de Algarve, en 48 uur om daarvan te genieten. Niets voorbereid, geen reisgids mee. Op goed geluk op ontdekking! Zaterdag marktdag in Loulé In het gezellige stadje Loulé (dat spreek je uit als Lolé) is het elke zaterdag markt. Begin april was het er niet echt een drukke bedoening, maar in de zomermaanden trekken er blijkbaar busladingen toeristen naartoe. Dat is misschien een tikje overdreven, want het leek ons eerder een ‘gewone’ markt. Fruit, groenten, kaas, geborduurde keukenhanddoeken, vers gevangen vis … Niets om van achterover te vallen (tenzij in die hangmat die je er op de kop tikte) maar rondslenteren op een markt is altijd wel leuk. Zoek je wat verkoeling, dan is de kleine Jardim dos Amuados een fijne plek om even op een bankje onder palmbomen en ander tropisch gebladerte te zitten. Fans van oude kerken en forten weten hier ook wat te doen. De zaterdagmarkt gaat trouwens door tot in de smalle straatjes van het oude stadsgedeelte, met kraampjes met artisanale confituur en ambachtelijk gemaakte spulletjes. Albufeira, best links laten …

Een Thaise man is een kleine boot aan het herstellen op het eiland Koh Yao Noi (Thailand).

Koh Yao Noi ahoy!

Koh Yao Noi, ‘klein lang eiland’, heeft z’n naam niet gestolen. In het midden van de baai van Phang Nga, tussen Phuket en Krabi, vind je een plaatsje dat de laatste decennia waarschijnlijk niet veel is veranderd en nog helemaal ‘echt’ aanvoelt. Zo echt dat we ons afvragen of we dit wel met onze miljoenen lezers mogen delen. Om er te geraken, vlogen we van Chiang Mai naar Phuket. Van Phuket zagen we enkel de luchthaven. Meer hoefde niet. Van Phuket gingen we met de speedboot naar Koh Yao Noi, zittend tussen Thai die op het vasteland net een gigantische hoeveelheid inkopen hadden gedaan. Onderweg trok de hemel dicht en leerden we al snel hoeveel schuilplaats tegen de regen er is op een speedboot (geen). Fietsen, wandelen, zwemmen, lezen Koh Yao Noi verken je best met de fiets. Je rijdt langs rijstvelden, rubberplantages en palmbomen. Wandel richting het water en zie hoe vissers hun boten herstellen. Neem een duik in de zee, of schommel op het strand. Lees een boek onder een palmboom. Ga een dagje mee …

Een schip op het droge in Olafsfjörður in het noorden van IJsland.

Het noorden van IJsland: zwavel, walvissen, en haring

Als Vík de ideale uitvalsbasis is voor het zuiden, dan is Akureyri dat voor het noorden van IJsland. Akureyri is na Reykjavík de grootste stad van het land maar met 18.000 inwoners bruist het niet bepaald van vertier. Wel leuk: eindelijk nog eens een plek met meer dan één restaurant! Lekkers in Akureyri Te & Kaffi (Hafnarstræti 91-93) is een gezellige koffiebar annex boekenwinkel waar je gerust een uurtje kan rondhangen, dat waren we sinds Reykjavík niet meer tegengekomen. Ook Restaurant Múlaberg in Hótel KEA krijgt een eervolle vermelding. We wandelen niet snel een restaurant in een hotel binnen, maar een vegetarische burger op het menu (die dan ook nog eens heel lekker is) blijft iets opmerkelijks in IJsland. Wie durft de geur van zwavel aan? Kom je van het oosten van het land en rij je richting Akureyri, stop dan even bij Hverir. Het water dat in IJsland uit de kraan komt, heeft altijd een beetje de geur van rotte eieren, maar bij Hverir kijk je de zwavelbronnen rechtstreeks in het stinkende aangezicht. IJsland is simpel …

Een jongetje loopt weg van een hoge opspattende golf aan het haventje van Biarritz in het Franse Baskenland.

Het Baskenland in de winter: doen of niet?

Onze vluchtroute voor oud en nieuw bracht ons deze keer naar het Baskenland. Een stukje Frankrijk, een stukje Spanje, twee stukjes Europa die ons weinig bekend waren. Uitvalsbasis was het Franse dorpje Sare, vlak bij de grens met Spanje. Sare is ‘un des plus beaux villages de France’, en wordt tijdens de zomermaanden platgelopen door toeristen. Onze lieve gastvrouw Francine gaf toe dat ze het een beetje vreemd vond dat we hier eind december, begin januari de streek wilden ontdekken. Het Baskenland in de winter, doen of niet? De stukjes Frankrijk Biarritz, de ‘mondaine’ badstad die zo niet aanvoelt Uiteraard trokken we naar Biarritz zodat Jesse nog eens op een surfplank kon staan, maar je kan er ook zonder surfplank gemakkelijk een paar leuke dagen doorbrengen. Zelfs al is het in de winter te koud om de zee in te gaan, de kustlijn van Biarritz is indrukwekkend. Hoge rotsen in zee, opspattende golven, rotseilandjes (al dan niet met een standbeeld van Maria erop) die met bruggen zijn verbonden aan het vasteland, kasteeltjes, … In de binnenstad …

Een surfer trotseert de hoge golven van Uluwatu in Bukit, Bali (Indonesië).

Groeten uit Bali: de beste stranden in Bukit

Na de avontuurlijke boottocht van Gili Air terug naar Bali, rijden we naar het uiterste zuiden: Bukit. Een droog en dor schiereiland. Bukit is vooral bekend omdat de Uluwatu-tempel er ligt, hoog op het puntje van een klif. Omgeven door het water. En toeristen. En apen. Onnodig je te vertellen dat we daar dus niet naartoe zijn gegaan. Wel naar een strand of vier. Padang Padang en Bingin 06.27 uur, wakey wakey! Kleren aan en scooter op. Alle stranden liggen vlakbij, maar je moet ze wel weten te vinden. Ik zie ergens een houten pijl met ‘Padang beach’ en we maken daarvan onze eerste stop. We dalen maar een beetje af en beseffen al snel dat hier niets is. Terug de weg op, naar een brug die uitkijkt over een stuk strand. Padang Padang! Met al heel wat volk in het water. Weer een hele resem trapjes af naar beneden, tussen de aapjes. Het strand ligt heel mooi tussen de kliffen, en is niet heel groot. Je kan er surfplanken, SUP’s en parasols huren, en …

Een meisje aan het dobberen met haar snorkel in het blauwe water rond het eilandje Gili Air (Bali).

Groeten uit Bali: te land, ter zee en Gili Air

We keken enorm uit naar onze dagen op Gili Air. Een paradijselijk eiland, de rust zelve, én een schildpad-hotspot. In mijn hoofd lagen we ofwel op het witte strandzand, ofwel in het helderblauwe water, te zwemmen tussen visjes en schildpadden. En dat was er bijna ‘boenk op’. This must be underwater love Veruit de beste snorkelspots bij Gili Air zijn helemaal ten noorden van het eiland, en helemaal ten zuiden. Hoe verder je naar het noorden wandelt, hoe verlatener de stranden worden. Het water is er ongelooflijk helder, veel helderder dan het water aan de oostkant van het eiland. Wat een prachtige onderwaterwereld. Heel veel verschillende soorten vissen en heel wat koraal. Ik speur naar schildpadden. Ze zijn meesters in het camoufleren tussen stenen, koraal en zand. Stel je voor dat we er al eentje voorbij gezwommen zijn … Ik probeer me zelfs in te beelden waar ik zou zitten, moest ik een schildpad zijn. Plots begint Jesse te zwaaien en roepen naar mij. “Schat! Hier!” Ik zwem snel naar hem en kijk naar beneden. …

Een zicht op de berg Batukaru in Bali van in de rijstvelden rond het dorpje Marga.

Groeten uit Bali: rijstvelden en tropisch woud

‘Ergens rond Mount Batukaru.’ Het plan was om daar het strand en de oceaan van Canggu even te ruilen voor tropisch woud en rijstvelden. Het werd het dorpje Marga. Klein, omringd door rijstvelden, en met de liefste dorpsbewoners ooit (sorry Bevergem). Everyday life in Bali Het leven van een Balinees draait voor een groot deel rond het hindoeïsme. Overal zie je kleine offers: voor huizen, in restaurants, winkels, op het strand, in zee, … Van elke maaltijd die je klaarmaakt, hoor je een klein beetje te offeren aan de goden. Elk huis heeft zelfs z’n eigen tempel, waar vaak eigen goden aanbeden worden. Naar sommige ceremonies wordt maanden vooraf toegeleefd, met immense voorbereidingen door het hele dorp of de hele regio. Ook in Marga. Het is druk rond de tempel van het dorp. Over een maand vindt een grote ceremonie plaats en de voorbereidingen zijn volop bezig. Jongens repeteren een lied op hun instrumenten, onder het goedkeurende oog van hun ouders en giechelende zusjes of vriendinnetjes. Giechelen doen ze zeker wanneer wij, bleke Belgen, in de buurt komen. Een …

Zand op het strand in Canggu, Bali spat op terwijl 5 mannen hun motoren laten brullen en zo meteen zullen wegstuiven.

Groeten uit Bali: surf ‘n’ turf in Canggu

Canggu (echte pro’s spreken het Tsjangoe uit). Net zoals Big Sur een regio waarvan niemand zeker is waar ze precies begint en eindigt (niet dat iemand daar van wakker ligt). Waar we wel zeker van zijn: het is de ideale plek om je reis door Bali te beginnen. Naast het klassieke trio van zon, zee, en strand heb je er ook genoeg hippe winkels en restaurants om nog een beetje dat Europese gevoel te hebben. En juist ja, je kan er surfen. Dat ook. Surfen, kokosnoot, surfen Surfen is dé reden waarom we plots vliegtickets boekten naar Bali. Canggu is een aaneenschakeling van perfecte beach breaks. Wij sliepen op 2 minuten wandelen van Berawa beach, daarnaast ligt Batu Bolong en wandel je nog ietsje voort, dan sta je op Echo beach. Geen spoor van Martha en haar muffins, trouwens. Gebruik je jetlag nuttig! Het hele jaar door is er ongeveer 12 uur daglicht, van 6 tot 18 uur. Sta dan ook vroeg op, zeker wanneer je wilt surfen. De zee is dan kalm, waardoor je prachtig cleane golven …

De dode, zwartgeblakerde bomen van Deadvlei in de Namibwoestijn in Namibië.

Namibië, het land van zand

Namibië is genoemd naar z’n woestijn, daarmee weet je meteen hoe het land eruitziet. Hadden onze dorpsoudsten hetzelfde idee gehad, we hadden ‘Verkavelingië’ geheten. De Namibwoestijn is de oudste woestijn ter wereld en een van de grootste trekpleisters van dit Afrikaanse land. Rond Sossusvlei zie je het ene mooie beeld na het andere. Hoge zandduinen, hier en daar een eenzame oryx of springbok. De duinen die paars, roze, oranje, rood kleuren bij zonsopkomst en zonsondergang. De woestijn is prachtig om te zien. Een processie van Echternach op Dune 45 Dune 45 beklimmen voor zonsopkomst is een klassieker. Het heeft iets om in het donker naar de duinen te rijden en die gigantische berg zand te beklimmen. Voor de dappersten aller reizigers is het uiteraard een makkie, maar vergis je niet: het is redelijk frustrerend om 3 stappen te zetten en onmiddellijk 2 stappen terug te zakken in het zand. Geef niet op, uiteindelijk zak je uitgeteld neer in het zand en zie je de zon opkomen boven de woestijn. En dan voel je je maar weer …

De uitgestrekte zandvlakte van Badwater in Death Valley (Californië). Witte wolken tegen een blauwe hemel en ergens in de verte twee kleine mensjes.

Samen alleen zijn in the middle of nowhere

‘Liefst ergens met niet té veel volk.’ We zouden geen Belgen zijn als we dat zinnetje niet regelmatig horen vallen of zelf uitspreken. We vertrekken massaal op vakantie, maar lijken altijd op zoek te zijn naar dat ene plaatsje dat we zelf ontdekt hebben en waar zeker geen andere toerist te bespeuren was. Dit zijn de plaatsen waar je nog écht samen alleen kan zijn in the middle of nowhere. Niet doorvertellen dus. Zo’n beetje overal in IJsland Verlaten wegen, watervallen, gletsjers, borrelende poeltjes en lavavelden vol mos wisselen elkaar af in een rotvaart. Het is best eenvoudig: ben je niet in Reykjavík (of de Blue Lagoon), dan ben je zo goed als alleen. Onze mooiste afgelegen plekjes zijn in elke windrichting te vinden: Siglufjörður in het noorden, Seyđisfjörđur in het oosten, de regio rond Vík in het zuiden, en het schiereiland Snæfellsnes in het westen. Hopelijk heb je niets tegen vogels en schapen, want die houden je zeker gezelschap. Death Valley in de Verenigde Staten van Amerika Zoek je the middle of nowhere op, …