Natuur
comments 2

Groeten uit Bali: rijstvelden en tropisch woud

‘Ergens rond Mount Batukaru.’ Het plan was om daar het strand en de oceaan van Canggu even te ruilen voor tropisch woud en rijstvelden. Het werd het dorpje Marga. Klein, omringd door rijstvelden, en met de liefste dorpsbewoners ooit (sorry Bevergem).

Lachende, prachtig geklede mensen in het dorpje Marga in Bali.

Koppie?

Everyday life in Bali

Het leven van een Balinees draait voor een groot deel rond het hindoeïsme. Overal zie je kleine offers: voor huizen, in restaurants, winkels, op het strand, in zee, … Van elke maaltijd die je klaarmaakt, hoor je een klein beetje te offeren aan de goden. Elk huis heeft zelfs z’n eigen tempel, waar vaak eigen goden aanbeden worden. Naar sommige ceremonies wordt maanden vooraf toegeleefd, met immense voorbereidingen door het hele dorp of de hele regio.

Ook in Marga. Het is druk rond de tempel van het dorp. Over een maand vindt een grote ceremonie plaats en de voorbereidingen zijn volop bezig. Jongens repeteren een lied op hun instrumenten, onder het goedkeurende oog van hun ouders en giechelende zusjes of vriendinnetjes. Giechelen doen ze zeker wanneer wij, bleke Belgen, in de buurt komen. Een paar mannen wenken ons vriendelijk, als teken dat we de tempel ook binnen mogen. Toch een beetje lastig, we zien niet meteen een sarong die we kunnen lenen en iedereen ziet er zo piekfijn uit. Vanuit de opening van de tempel luisteren we naar gezangen waar we geen woord van verstaan.

Jongens maken muziek voor de tempel van Marga (Bali) terwijl hun mama's goedkeurend toekijken.

Chick magnets.

Links naast de tempel gaat een klein weggetje al snel over in een stenen trap die steil naar beneden gaat. We krijgen een prachtig zicht op een verborgen riviertje. Aan de overkant ervan begint de jungle. Gigantische palmbomen en bamboe sieren de oevers. De zon staat al laag maar schijnt nog op de toppen van de hoogste palmen. We willen het wel, maar dat zicht krijg je toch niet vastgelegd op foto.

Een zicht op de berg Batukaru in Bali van in de rijstvelden rond het dorpje Marga.

Als iedereen de hele dag offert, staat de arme Radjanan er alleen voor op z’n rijstveld.

Aan de overkant van de straat, achter een paar rijen huizen en nog meer woud, beginnen de rijstvelden. Het begint frisser te worden. Er zijn heel wat mensen aan het werk. Ze zeggen hallo wanneer we langs wandelen, zwaaien enthousiast en beginnen tegen ons te praten in het Indonesisch. Zo jammer dat we er echt niets van verstaan. Zwaluwen en reigers vliegen af en aan.

Pura Luhur Batukaru, op een magische berg

Op ongeveer een half uur rijden van Marga ligt een van de belangrijkste tempels van Bali: Pura Luhur Batukaru, op de berg Batukaru (of Batukau). Op Bali zijn er 9 grote, belangrijke tempels. Ze zijn allemaal gebouwd op strategische plaatsen, om het eiland te beschermen tegen het kwade. De rit naar de tempel doet ons helemaal in een andere sfeer belanden. Het klimaat verandert met elke hoogtemeter. De temperatuur daalt, wolken doen de hemel dichttrekken en er zet nevel op. De toegangsweg is een lange rechte lijn naar de tempel. Prachtig.

De toegangspoort tot de tempel Pura Luhur Batukaru op de berg Batukaru, niet ver van het dorpje Marga in Bali.

Die rok is een sarong. Ja, ook Jesse had er zo eentje aan. En nee, daar zijn geen foto’s van.

Een hindoeïstische tempel bestaat uit een heel aantal verschillende delen, waartussen je zelf op ontdekking kan gaan. Stukken zijn bedekt in mos, en het hele bouwwerk lijkt wel één met het tropisch woud. Wandelpaden leiden tot in het woud. We hebben de tempel zo ongeveer voor ons alleen. Je hoort alleen het geruis van bladeren en de geluiden van vogels en krekels. Op een tiental meter afstand kijken we recht in de ogen van een grote aap. Om dan maar snel voort te wandelen. Het is niet moeilijk om te begrijpen waarom Pura Luhur Batukau zo belangrijk is voor de Balinezen.

Een aapje dat we rond Marga in Bali zijn tegengekomen en het prachtige patroon van palmbladen.

Monkey see, Belgians flee.

De rijstvelden van Jatiluwih

Onderweg naar huis rijden we langs Jatiluwih, waar het ene rijstveld naast het andere ligt te smeken om gefotografeerd te worden. Hier moet je zijn voor de typische postkaart-prentjes. Panorama’s van rijstvelden, omringd door smalle wegen en palmbomen. Langs de kant van de weg zie je jack fruit, cacaobonen en ananassen. Of zoals onze chauffeur Agus het zegt: “Je steekt hier een tak in de grond en er komt een boom uit”.

Een zicht bij zonsondergang op de prachtige rijstvelden rond Jatiluwih in Bali.

Bekend van de Bart Kaëll-hit ‘Duizend terrassen in Jatiluwih’.

Wanneer de avond valt, horen we plots overal gezang. Agus vertelt dat het een gewoonte is die de Balinezen hebben overgenomen van de moslims en hun oproep tot gebed. De Balinezen houden het bij 3 gezangen per dag. Als hindoes zijn ze buitenbeentjes in Indonesië, het land met het grootste aantal moslims ter wereld. De verschillende religies op het eiland leven zonder problemen samen. Na de aanslagen van 2002 en 2005 in en rond Kuta, waarbij meer dan 200 doden vielen, zijn er geen spanningen geweest nadat bleek dat de daders moslims waren. Nog steeds vindt er elk jaar een herdenkingsceremonie plaats, waar alle religies aan meedoen. Misschien zelfs ook die 5 katholieke families die een kerk hebben in het plaatsje Wongayagede. (Yup, 5. We hopen dat het hier oké is om buiten je religie te trouwen.)

Allemaal beestjes

Het is al donker wanneer we terug thuis zijn. De warung aan het einde van onze smalle straat maakt de lekkerste nasi goreng. We zetten ons op een bankje op ons terras dat uitkijkt over het woud. Vleermuizen vliegen af en aan. Een gigantische gifgroene wandelende tak zit op de balustrade. Gisteren konden we zelfs een tijdje een grote leguaan volgen die van boom naar boom sprong. Onze kamer is half open, zoals bijna alle huizen in Bali. Wat een verschil met thuis, waar we allemaal zo afgesloten leven, van elkaar, van buiten. Hier hoor je de hele tijd geluid rondom je, getrippel op het dak, naast het raam, in de badkamer (die ook open is, waarom muren zetten als het toch het hele jaar 30 graden is). Sta er niet te veel bij stil, en val in slaap tussen de vogels, eekhoorns, gekko’s, en andere beestjes.

Een vliegende hond, een gigantische veelkleurige mot en een gigantisch blad. Bali is een plaats van extremen.

Batman. Butterflyman. Plantman. (Niet de meest succesvolle franchise ooit.)

Met een beetje tegenzin pakken we ons boeltje en gaan we richting het eilandje Gili Air. We wisten toen nog niet dat we op élk plekje van Bali verliefd zouden worden. Een hint: schildpadden!

2 Comments

  1. Pingback: Hoe deze 2 tegenpolen een reis voorbereiden - Petits Belges

  2. Pingback: Groeten uit Bali: surf 'n' turf in Canggu - Petits Belges

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *