Month: februari 2016

Een zicht op weg 395 onderweg van Yosemite naar Death Valley in Californië (USA).

Eyes on the road dear: altijd onderweg

Onderweg zijn. Uit het kleine vliegtuigraampje kijken naar de wolken, de bergen, de zee. Wandelen van de ene kant van de stad naar de andere, over kruispunten, langs huizen, naast mensen. Uitkijken over de golven en speuren naar de horizon. Landschappen naast je zien voorbijglijden. Stoppen. Kijken. Altijd onderweg. Roadtrippin’ in de USA Wie ‘roadtrip’ zegt, zegt ‘USA’. In Californië en Nevada kom je het ene weidse vergezicht na het andere tegen, dikwijls met een heerlijk desolate weg voor je. Of het nu in Big Sur is met z’n nevel en mist, onderweg van Yosemite naar Death Valley in een open vlakte vol lage struikjes of in Death Valley zelf met z’n kale heuvels. Sharing is caring in Cuba Geen gps, (bijna) geen pijltjes of duidelijke borden. Schaarse stopplaatsen langs de kant van de weg die je het liefst snel wil vergeten. De weg delen met ossenkarren, mannen te paard, fietsende kindjes en voetgangers. En tóch is onderweg zijn in Cuba een plezier. Je moet de weg wel delen, maar dan nog is het nooit …

Een Thaise man is een kleine boot aan het herstellen op het eiland Koh Yao Noi (Thailand).

Koh Yao Noi ahoy!

Koh Yao Noi, ‘klein lang eiland’, heeft z’n naam niet gestolen. In het midden van de baai van Phang Nga, tussen Phuket en Krabi, vind je een plaatsje dat de laatste decennia waarschijnlijk niet veel is veranderd en nog helemaal ‘echt’ aanvoelt. Zo echt dat we ons afvragen of we dit wel met onze miljoenen lezers mogen delen. Om er te geraken, vlogen we van Chiang Mai naar Phuket. Van Phuket zagen we enkel de luchthaven. Meer hoefde niet. Van Phuket gingen we met de speedboot naar Koh Yao Noi, zittend tussen Thai die op het vasteland net een gigantische hoeveelheid inkopen hadden gedaan. Onderweg trok de hemel dicht en leerden we al snel hoeveel schuilplaats tegen de regen er is op een speedboot (geen). Fietsen, wandelen, zwemmen, lezen Koh Yao Noi verken je best met de fiets. Je rijdt langs rijstvelden, rubberplantages en palmbomen. Wandel richting het water en zie hoe vissers hun boten herstellen. Neem een duik in de zee, of schommel op het strand. Lees een boek onder een palmboom. Ga een dagje mee …

Een schip op het droge in Olafsfjörður in het noorden van IJsland.

Het noorden van IJsland: zwavel, walvissen, en haring

Als Vík de ideale uitvalsbasis is voor het zuiden, dan is Akureyri dat voor het noorden van IJsland. Akureyri is na Reykjavík de grootste stad van het land maar met 18.000 inwoners bruist het niet bepaald van vertier. Wel leuk: eindelijk nog eens een plek met meer dan één restaurant! Lekkers in Akureyri Te & Kaffi (Hafnarstræti 91-93) is een gezellige koffiebar annex boekenwinkel waar je gerust een uurtje kan rondhangen, dat waren we sinds Reykjavík niet meer tegengekomen. Ook Restaurant Múlaberg in Hótel KEA krijgt een eervolle vermelding. We wandelen niet snel een restaurant in een hotel binnen, maar een vegetarische burger op het menu (die dan ook nog eens heel lekker is) blijft iets opmerkelijks in IJsland. Wie durft de geur van zwavel aan? Kom je van het oosten van het land en rij je richting Akureyri, stop dan even bij Hverir. Het water dat in IJsland uit de kraan komt, heeft altijd een beetje de geur van rotte eieren, maar bij Hverir kijk je de zwavelbronnen rechtstreeks in het stinkende aangezicht. IJsland is simpel …

Een jongetje loopt weg van een hoge opspattende golf aan het haventje van Biarritz in het Franse Baskenland.

Het Baskenland in de winter: doen of niet?

Onze vluchtroute voor oud en nieuw bracht ons deze keer naar het Baskenland. Een stukje Frankrijk, een stukje Spanje, twee stukjes Europa die ons weinig bekend waren. Uitvalsbasis was het Franse dorpje Sare, vlak bij de grens met Spanje. Sare is ‘un des plus beaux villages de France’, en wordt tijdens de zomermaanden platgelopen door toeristen. Onze lieve gastvrouw Francine gaf toe dat ze het een beetje vreemd vond dat we hier eind december, begin januari de streek wilden ontdekken. Het Baskenland in de winter, doen of niet? De stukjes Frankrijk Biarritz, de ‘mondaine’ badstad die zo niet aanvoelt Uiteraard trokken we naar Biarritz zodat Jesse nog eens op een surfplank kon staan, maar je kan er ook zonder surfplank gemakkelijk een paar leuke dagen doorbrengen. Zelfs al is het in de winter te koud om de zee in te gaan, de kustlijn van Biarritz is indrukwekkend. Hoge rotsen in zee, opspattende golven, rotseilandjes (al dan niet met een standbeeld van Maria erop) die met bruggen zijn verbonden aan het vasteland, kasteeltjes, … In de binnenstad …